De beste ideeën voor dynamische lessen met leesboekjes

Deze blogpost is een iets uitgebreide versie van de handout bij onze workshop Dynamisch lesgeven met leesboekjes.

Mira Canion over lezen:
“We moeten veel tijd besteden aan het aanleren van woordenschat en het opbouwen van achtergrondkennis voordat we een boek lezen. Ik geloof ook dat meerdere malen dezelfde tekst lezen de leesvaardigheid verhoogt.”

Stephen Krashen over lezen:
Er is overweldigend veel onderzoek dat aantoont dat voor je plezier lezen in een tweede taal een krachtige manier is om grammatica, woordenschat, spelling en schrijfvaardigheid te verbeteren – en het is veel efficiënter en veel plezieriger dan traditionele taallessen.”
“De betekenis van woorden oppikken bij het lezen is 10x sneller dan intensief onderwijs in woordenschat.”
“Mensen die een tweede taal willen leren hebben de meeste kans op succes als ze dat doen door te lezen.”

Voorbereidende activiteiten

De verbeelding op gang brengen

Emotionele trigger: een levensechte variatie op een thema uit het boek. Een voorbeeld voor El viaje de su vida is het spel ‘Wie is de dief?Bepaal welke woorden onbekend zijn en aangeleerd moeten worden voordat je gaat lezen. Gebruik TPRS, TPR, Movietalk, one-word-image (zie hieronder) of spelletjes om de betekenis duidelijk te maken en voldoende herhaling van deze woorden te kunnen geven, zodat de leerlingen ze snel zullen herkennen als ze ze tegenkomen in het boek.

One-word-images: Dit is een term van Ben Slavic, voor het creëren van een levendig plaatje in het hoofd van je leerlingen (en soms ook op papier) over een object, persoon of dier. Lees de instructies op http://www.benslavic.com/Posters/one-word-image-instructions.pdf (in het Engels).

Eigen ervaringen bespreken, en goed doorvragen: wie is er wel eens op een cruise of een groepsreis geweest? Hoe was dat? Zaten er rare mensen in de groep? Mocht je zelfstandig op pad? Enzovoort.

Kies een foto die wat te raden overlaat en die een relatie heeft met het komende hoofdstuk (of het hele boek). Gebruik Visible Thinking Routines (bijvoorbeeld See, Think, Wonder, of: What makes you say that?) om relevante woordenschat te activeren of nieuwe woordenschat aan te boren, en de nieuwsgierigheid te prikkelen.

Laat een woordwolk zien van de woorden uit het hoofdstuk, en laat de leerlingen daarmee voorspellen wat er in het hoofdstuk zal gebeuren.

Laat de titel van het hoofdstuk zien, of de kop van een krantenartikel, of de titel van een popsong die ermee te maken heeft, en laat de leerlingen voorspellen wat er in het hoofdstuk gaat gebeuren.

Strookjes met essentiële zinnen uit de tekst: probeer te ontdekken wat de volgorde zal zijn.

Tekenen: Leerlingen tekenen essentiële zinnen uit het hoofdstuk. De tekeningen kun je gebruiken om vragen over te stellen (= meer herhalingen van de essentiële woorden en zinnen), en om op te hangen in de klas ter illustratie van het hoofdstuk.

Bekijk samen met je leerlingen de illustratie bij het hoofdstuk en bespreek dit plaatje voordat je gaat lezen: waar is het, wie staan erop, wat denk je dat ze zeggen, hoe denk je dat ze zich voelen, wat denk je dat er is gebeurd en gaat gebeuren?

Laat de leerlingen twee personages kiezen en daar een tekening van maken. Vervolgens maken ze een lijst van eigenschappen (of een woordspin rondom de tekening) voor beide personages. Daarmee gaan ze voorspellen wat de reacties van deze personages zullen zijn op de (mogelijke) gebeurtenissen in het komende hoofdstuk. Ook kunnen ze een personage vergelijken met zichzelf, een beroemdheid of iemand die ze kennen. Gebruik de tekeningen om klassikaal vragen over te stellen. Dit soort tekeningen zijn een geweldige bron van conversatie. Melk het uit!

Bedenk welke culturele aspecten uit het boekje nog onbekend zijn en bespreek deze vooraf, liefst met beeld en geluid, en nog liever ‘aan den lijve ervaren’. Dit hoeft niet altijd klassikaal: je kunt ook een galerij maken, een overzicht aan de muur waar ze langs kunnen lopen, en waarop ze met een post-it aan kunnen geven of ze het wel/niet kennen/doen/gezien hebben, of bijvoorbeeld bepaalde informatie moeten zoeken, enzovoort.

Lees korte tekstjes over culturele, sociale of historische aspecten van de tekst. Bekijk landkaarten, foto’s, filmpjes, vraag naar mening, ervaringen.

Speel relevante historische gebeurtenissen na in de les, bij voorkeur met veel drama, of als debat met twee groepen. Zie The Big CI Book van Ben Slavic voor een gedetailleerde beschrijving van een klassendebat.

Het lezen zelf

Je kunt kiezen uit: voorlezen & vertalen, zelf (stil) lezen, in tweetallen lezen & vertalen, voorlezen en uitbeelden. In alle gevallen blijf je alert op mogelijk onbegrip, en stel je steeds korte vragen over de betekenis van woorden en zinnen.

Reader’s Theatre

Een geweldige manier om de tekst echt tot leven te brengen en alle leerlingen actief te laten meedoen. Laat de leerlingen een scène uit het hoofdstuk (niet het hele hoofdstuk) naspelen, in 3 stappen:

  • Eerst alleen oplezen uit boekje, met expressie. Docent is ‘verteller’
  • Oplezen vanaf kaartjes, met expressie en actie. Goede leerling is ‘verteller’
  • Niet meer oplezen, echt acteren – met attributen. Leerling is verteller.

Kijk voor een gedetailleerde uitleg op: https://www.thecibookshop.com/nl/blogs/teaching-with-novels/readers-theatre/

Na het lezen

Activiteiten na het lezen zijn vooral bedoeld om de leerlingen een excuus te geven de tekst nog eens te lezen, en nog eens, en nog eens…

Stripverhaal: “Bepaal wat de belangrijkste gebeurtenissen zijn in dit hoofdstuk / boek, en teken er een stripverhaal van. Je mag tekst gebruiken in je strip, het hoeft niet.”

Werkbladen: vertaal de onderstreepte woorden in deze tekst (=fragment / zinnen uit het hoofdstuk); vul de lege plekken in deze tekst in, beantwoord de vragen, geef aan of de stellingen juist of onjuist zijn, enzovoort, enzovoort.

Transformeren: “Vertel dit verhaal vanuit personage X; schrijf op wat personage Y denkt als…; schrijf een brief/appje/e-mail van personage X aan personage Y; vertel het verhaal na op basis van de woordwolk.”

Tekst in zinnen geknipt: “Leg de zinnen op volgorde zonder naar de tekst te kijken. Controleer daarna zelf of de volgorde klopt.”

Visible thinking routines

  • “Bedenk ten minste 12 interessante vragen over het verhaal. Kijk naar de lijst om ideeën op te doen.”
  •  “Welke kleur vind je bij personage X passen? Welk symbool vind je bij hoofdstuk X passen? Welke foto/plaatje geeft voor jou het boek goed weer? En… waarom???”

Analyse: “Voorspel wat er in het volgende hoofdstuk gaat gebeuren; Welk personage denk je dat dit (=uitspraken die de docent heeft bedacht) zou kunnen zeggen?; wat zijn de gebeurtenissen in het verhaal die geleid hebben tot…?”

Meer tips en gedetailleerde uitleg van activiteiten vind je op: https://www.thecibookshop.com/nl/blogs/teaching-with-novels/ (Nederlands)

Met name voor Spaans en Frans zijn er geweldige docentenhandleidingen verkrijgbaar bij leesboekjes, die je vrijwel al het werk uit handen nemen!

Veel van de ideeën in dit blog zijn afkomstig uit blogs en workshops van inspirerende TPRS- en CI-docenten:

 

TPRS in één jaar!

Alsof je met een vriend praat
Als geen ander weet Ben Slavic je in zijn boek TPRS in één jaar bij de hand te nemen en je het gevoel te geven dat je een persoonlijk gesprek met hem voert. Dit is de reden dat Kirstin Plante en Alike Last besloten zijn boek TPRS in één jaar! te vertalen.

Alsof je met een vriend praat, dat is wat veel lezers aan auteur Ben Slavic lieten weten na het lezen van zijn boek TPRS in één jaar! En ja, de zeer persoonlijke stijl, de vele anecdotes en voorbeelden en vooral de manier waarop Slavic zijn eigen mislukkingen, successen en twijfels met je deelt, geven je als lezer het gevoel dat hij je persoonlijk bij de hand neemt en je stapje voor stapje door het TPRS-landschap stuurt.

Ben Slavic heeft altijd benadrukt hoe belangrijk het is om beginnende TPRS-docenten niet te overladen met de gehele methode in één keer, omdat dat nogal overweldigend kan zijn. Op zijn website noemt hij zijn ‘drie wensen’:

Ben’s Three Wishes:

*  I wish to reach teachers who are struggling to make genuine contact with the students in their classrooms.

*  I wish to do so in an understandable and clear way.

*  I wish to be part of the lightning fast change that is occurring right now in our nation’s classrooms, a change that reflects the ancient truth about how people learn languages – with joy first and analysis second, and not the other way around.

De stap-voor-stap aanpak die hij in dit boek presenteert, is dan ook helemaal in lijn met zijn voornemen om het aanleren van TPRS zo gemakkelijk mogelijk te maken. Hij maakt onderscheid tussen de basistechnieken, die je altijd blijft toepassen, en de fijne kneepjes waarmee je de les leuker maakt. Met name die laatste verzameling technieken vormen een fantastische verrijking van de TPRS-basis zoals die ook staat beschreven in Storytelling voor het talenonderwijs. Wat denk je van een ‘raamroeper’, een ‘flapuit’ en trucs om kleuren, getallen en vervoermiddelen in je verhalen te verwerken? Ook de T-shirtzin spreekt tot de verbeelding, net als de navertel-handschoen, het ‘etalagepersonage’ en ‘het Koninkrijk’.

Ben Slavic kan als geen ander het werken met al deze technieken tot leven brengen. Ook beantwoordt hij in zijn boek vragen van docenten over veel van deze technieken, en gaat hij dieper in op hoe het voor jou als docent is om te beginnen met TPRS. Vier voorbeeldverhalen,of eigenlijk volledig uitgeschreven lessen, brengen alles zodanig samen dat je levendig voor je ziet hoe zo’n verhalenvraag-les nu eigenlijk verloopt. Als je nog meer visuele input nodig hebt, vind je die op Ben Slavics YouTube-kanaal.

TPRS in één jaar! is dan ook voor beginnende en gevorderde TPRS-docenten een absolute must-have!

Zie ook het blog van Alike Last over haar ervaringen met dit boek.